Soms, heel soms

Soms, heel soms, bedenk ik me hoe bijzonder mijn leven is. In de hectiek van alledag is het gemakkelijk om te vergeten dat ik de luxe heb om mijn droom na te jagen. Mijn droom om te schrijven, me volledig onder te dompelen in mijn zelf gecreƫerde wereld, mijn droom om me bezig te houden met taal.

Soms, heel soms, is mijn leven niet normaal. Dan besef ik ineens dat ik mag doen waar ik van houd, dat ik een boek hebben mogen uitgeven en dat deel twee onderweg is. Op die momenten sta ik even stil bij het feit dat ik mijn droom beleef, zonder dat een nieuwe droom zijn plek inneemt.

Soms, heel soms, ben ik zo trots op mezelf, dat ik me er een beetje voor schaam. Maar – verdorie – dat kleine, dromerige meisje dat vroeger schrijver wilde worden, is uitgebloeid tot een dromerige vrouw die schrijver is. Met nog veel meer dromen om na te volgen en uit te laten komen.

Meestal kijk ik verder, wil ik meer. Als een droom uit is gekomen, kunnen de andere dromen ook uitkomen, toch? Maar soms, heel soms bekruipt een machtig gevoel me. Dan zou ik willen schreeuwen. ‘Kijk wat ik met mijn pen kan!’